Hoog vanuit de lucht zie ik spiegels op de akkers en velden. Waterspiegels. Het regenseizoen in Tanzania is in volle gang. Daar waar de oogst vorig jaar grotendeels verloren ging ten gevolge van uitblijvende regen, lijkt er momenteel sprake van overmatige regen. Dit is niet goed voor het verbouwen van de gewassen. Een paar duizend meter lager, zie ik ook de gevolgen van de waterstromen op de weg. De dirt road van Kamanga naar Sengerema lijkt wel in tweeën gespleten met een ware rivier er tussendoor. Tevens lijkt het initiële wegdek op sommige plaatsen zelfs verplaatst door de ontstane modderstromen. Overdag lijkt er echter geen vuiltje aan de lucht. De feloranje zon brandt hoog aan de hemel, de lucht is overwegend blauw en voorzichtige zweetkristalletjes vormen zich op m’n bovenlip en voorhoofd. Harder dan 20 kilometer per uur kunnen we niet rijden. Na 2,5 uur bereiken we Sengerema. Golven van geluk vullen iedere cel in mijn lichaam. Karibu tena, ik ben terug in mijn tweede thuis.

Ik werp vlot de 48 (!) kilo aan bagage het huis in, en haast me naar het ziekenhuis. Door de regenval is Sengerema prachtig groen en de kleine afstand van het huis naar het ziekenhuis is dan ook echt adembenemend mooi. We zitten hier flink beschut, omringt met mais, vruchtenbomen en veel planten. Eenmaal in het ziekenhuis, voelt het alsof ik nooit weg ben geweest. De NICU voelt fijn en vertrouwd. Voor het eerst, ligt het niet bomvol bij binnenkomst, maar is het overzichtelijk. Dit wordt geweten aan het regenseizoen, waardoor het ziekenhuis minder goed bereikbaar is door de slechte wegen. In de loop van de week merk ik daar overigens niks meer van, en stroomt het net zo goed weer vol. Bij binnenkomst komt er een moeder met haar kleine krullebol binnen. Hij heeft een geïnfecteerd open ruggetje. Tijden het lichamelijk onderzoek constateer ik tevens twaalf vingertjes. Iets wat veel voorkomt hier! Er liggen verder voornamelijk jonge prematuren opgenomen. Dit is complexe zorg in een land met weinig middelen. Een soort survival of the fittest. Dat dit mooie volk sterk is, verwondert en verbaast mij keer op keer. Zo werden er afgelopen week twee pasgeborenen binnengebracht met een aangeboren afwijking waarbij alle organen buiten de buik lagen. Bij binnenkomst waren bij beide kinderen de darmen al zwart, als teken van afsterven. Helaas een onomkeerbaar probleem. Allebei deze kleintjes hebben het echter nog minimaal 24 uur volgehouden! Een bijzonder feit, aangezien we deze kinderen in Nederland veelal beademen en veel medicijnen moeten geven.

Dit land kan me ook nog steeds blijven overvallen. In alle bezoeken leer je de cultuur steeds beter kennen, maar blijft het een compleet andere cultuur. We proberen van elkaar te leren, door met elkaar in gesprek te gaan. Persoonlijk vind ik het moeilijkste nog steeds de cultuurverschillen rondom overlijden van een kind. Mijn hart breekt letterlijk als er een kindje alleen sterft. Ook deze week was dit een aantal keer het geval. De verpleegkundigen snappen mijn visie ook, en vinden het niet gek als ik het kindje op schoot neem, totdat het z’n laatste adem heeft uitgeblazen. Vervolgens ‘verpak’ ik het kindje passende bij de cultuur, en zo komen we elkaar tegemoet. Dit vinden we niet gek van elkaar, zo leren we ook van elkaar. Iets anders wat soms voor mij schrijnend voelt, is de bevallende vrouwen. Ze liggen naast elkaar, met slechts een dun gordijn ertussen. Bevallen doe je in Tanzania alleen, en je wordt geholpen als het kind zich werkelijk aandient. De meeste vrouwen zijn erg jong, vaak bang. Gisteren lag er een jonge vrouw te bevallen die erg in paniek raakte. Door grote drukte- maar tevens het cultuurverschil, wordt daar niet altijd op gereageerd. Ik heb geprobeerd een ander voorbeeld te geven, door naast haar te gaan zitten en haar hand vast te houden tijdens de zware weeen. Tussendoor fluisterde ik tegen haar dat het wel goed kwam. De paniek verdween. Ze baarde een blakende baby en maakt het goed.

Afgelopen week heb ik samen met tropenarts Rian een trainingsprogramma gegeven. De eerste helft van de week stond geheel in het teken van NICU training. De NICU is nu ruim 4 jaar open, en de basiszorg met de aanwezige middelen verloopt goed. Tijd voor aanvullende training. Zo zijn we begonnen met implementatie van de ABCDE-methodiek. Trots als een pauw mocht ik waarnemen dat de methode een dag later al werd toegepast, en de verpleegkundige er snel een lage bloedsuiker uitpikte. De tweede helft stond in het teken van verloskunde trainingen. Rian heeft het stuk voor de geboorte gedaan, ik het stuk na de geboorte. Een leuke, afwisselende training. Aan het einde vroeg de verpleegkundige alleen: “wanneer in de reanimatie moet ik de baby wegen?”. Dus of het allemaal helemaal goed is aangekomen..?

 

1,592 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

Op 21 december 2019 is bestuurslid Milou van Ingen geïnterviewd door NPO Radio 5 voor het programma ‘Zin in weekend’. De komende weken staat hier het Nederlands Albert Schweitzer Fonds centraal in aanloop naar de Albert Schweitzer Prijs 2020. Dankzij dit prachtige fonds hebben we vanuit Stichting Vrienden Sengerema Hospital letterlijk een stap in de toekomst kunnen zetten, met het openen van onze ontwikkelingspolikliniek. Zo kunnen we wekelijks de kinderen vervolgen die ziek op de NICU hebben gelegen. Luister hieronder naar het fragment.

Ben jij ook een gezondheidspionier en heb je een goed idee voor een gezonder Afrika? Doe dan mee, en maak kans op de Albert Schweitzer Prijs 2020! Aanmelden kan via www.nasf.nl.

 

204 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

In juli 2019 is bestuurslid Milou van Ingen geïnterviewd door BNNVARA voor de rubriek ‘#MijnEindeWereld’ van het televisieprogramma ‘Floortje naar het einde van de wereld’. Op 19-7-2019 werd het stuk gepubliceerd, zie hier: Artikel BNN Vara

414 totaal aantal vertoningen, 2 aantal vertoningen vandaag

Het is alsof ik live in een uitzending van National Geographic zit. Prachtige Afrikaanse landschappen, het ene nog mooier dan het andere, soms verborgen achter een bed van wolken. Hoge bergen afgewisseld met eindeloze vlaktes. Groene gewassen maar ook dorre grond. Rivieren. Wilde rivieren. Ik vlieg boven het enorm getroffen Mozambique. Vanuit de lucht ziet het er zo vredig uit. Een strakblauwe lucht met een krachtige, oranje zon. In contrast met het gegeven dat in dit land reeds honderden mensen zijn overleden aan de gevolgen van een verwoestende natuurramp. Hulpeloze kinderen, vervuild water, cholera, honger. Verscheurde gezinnen, vele nieuwe weeskinderen. Schrijnend! Hoog in de lucht denk ik aan hen. Ik merk enige irritatie omtrent de brand in de iconische Notre Dame. De hele wereld is van slag en in paniek. Alle voorpagina’s staan vol en live-blog’s vormen een avondvullend programma. Binnen 24 uur zijn er miljoenen opgehaald voor de wederopbouw. De ramp in Mozambique en tevens getroffen Malawi zijn her en der op een achterklap terug te vinden. Hulp komt slechts langzaam op gang. Deze gedachte steekt. In het ziekenhuis in Malawi waar Marjolijn werkt, zien zij ook de grote gevolgen van deze zeer omvangrijke ramp. Vanuit mijn zeer gammele propellervliegtuig (!) onderweg naar Zuid-Afrika gedenk ik hen, terwijl ik ook geniet van de oogstrelende landschappen die mijn netvlies binnendringen. Mijn gedachten gaan tevens uit naar de afgelopen drie intensieve en bijzondere weken. Zo kort, en toch ook weer zo lang waarbij het vieren van nieuw leven en het delen van rouw centraal stonden.

Tanzania

Hoog gegil, een afwijkende blik en zeer stijve houding.  Een mooi baby’tje van een week of twee wordt door oma aan het NICU-personeel overhandigd. Argwanend rondom dit zeer afwijkende gedrag inspecteer ik eerst grondig de tong van de baby. Zwart. Lokale medicijnen zijn na de geboorte van deze baby gebruikt. Dezelfde ‘helende kruiden’ die de baby nu zo kritiek ziek maken. Een lokaal geloof met desastreuze gevolgen. Cultuurverschil ten top! Helaas geen ongebruikelijke reden tot opname. Ondertussen rent (wat al behoorlijk ongebruikelijk is in Afrika) een student de NICU op. Op dit moment wordt een extreem premature tweeling geboren en hulp is gewenst. Daarnaast komt via de spoedeisende hulp nog een moeder met grauw kindje de NICU op gelopen en stopt een ander kleintje met ademen. Inmiddels hebben zich ook reeds negen moeders zich gemeld voor de ontwikkelingspolikliniek. Dit allemaal binnen 30 minuten. Ik zie, aanschouw en spring bij. Dr. Caroline richt zich op de baby die vergiftigd is door lokale medicijnen. Verpleegkundige Edward start behendig met beademen van de blauwe baby met ademstilstand. Verpleegkundige Salome ontfermd zich over de jonge moeder die met haar grauwe kind de NICU op komt- en ik haast me richting de extreem premature tweeling op de verloskamers. Bij binnenkomst zijn de intens kleine mensjes al geboren en alleskunner Paulo staat klaar met een grote zuurstoftank voor transport. Behendig plaatsen we twee kleine gele infuusjes in de kindjes die minder dan 500 gram wegen. Kleine kans op overleving, maar voor comfort en warmtemanagement nemen we ze mee naar de NICU.

Dagelijkse capriolen die mijn Tanzaniaanse collega’s op hun bord krijgen. Een greep uit slechts een ochtend op de NICU. Zij leveren een mooi basisniveau zorg, wat aansluit bij de huidig beschikbare middelen en omvang van de NICU. De zorgvraag groeit echter in enorm vlot tempo, dus hierop moeten we anticiperen! Om ideeën op te doen, te leren van protocollen elders en uitzoeken of er eventueel uitwisseling van verpleegkundigen mogelijk is, breng ik een bezoek aan buurland Malawi, in het ziekenhuis waar ze het hoogste niveau neonatale zorg bieden.

Malawi

Vriendin- en collega Marjolijn Quaak is net zo’n fervent Afrika liefhebber als ik. Al tweemaal eerder zijn we samen in het Tanzaniaanse Sengerema geweest voor werkzaamheden in het ziekenhuis. Momenteel is Marjolijn voor vijf maanden in Malawi, om haar opleiding tot kinderarts af te ronden. Ze is werkzaam in Malawi’s beste ziekenhuis, Queen Elizabeth Central Hospital. Een immens ziekenhuis met alleen al 300 opnameplekken voor de kindergeneeskunde. Een ziekenhuis met mogelijkheden.

De uitgelezen kans om naar buurland Malawi te vliegen voor een bezoek. Echter: wel van Noord-Tanzania naar Zuid-Malawi. Een reis van uiteindelijk 15 uur. De stoffen hobbelweg, uurtje genieten van het prachtige uitzicht over Lake Victoria op de boot en een paar vluchten verder arriveer ik in Blantyre. Daar staat Marjolijn te wachten met haar RAV en gaan we het weekend eerst op ‘roadtrip’ om iets van het prachtige Malawi te zien. Een compleet andere uitstraling dan mijn vertrouwde Tanzania. Omringt door prachtige bergen en verre uitzichten reizen we in noordelijke richting naar het Zomba Plateau. Daar slapen we hoog op het plateau in een knus huis zonder stroom maar met gezellige openhaard. We mogen een magische zonsondergang aanschouwen waarover het uitgestrekte berglandschap prominent zichtbaar is. De dag daarna maken we een mooie hike door het berglandschap van het plateau. Vanaf de top zien we Mount Mulanje stralen en kijken we naar buurland Mozambique.

Op maandag weer een vroege wekker, another day at work. Ik voel me enorm bevoorrecht mee te mogen draaien in het ziekenhuis voor twee dagen. Ik realiseer me nogmaals hoe enorm bijzonder het is om zo dichtbij de bevolking te staan, intieme momenten zoals een bevalling mee te maken en te begeleiden bij overlijden. Ik draai op de eerste dag mee op Chatinka, de NICU in Malawi. Een mooie, grote unit met plek voor maar liefst 50 baby’s! Een fijne plek waar ik direct in mijn element ben. Er liggen veel kritiek zieke kinderen, dus samen met de collega’s daar zijn we vooral bezig met levensreddende handelingen. De dag daarna sta ik ’s morgens op de afdeling van Marjolijn, een afdeling vol ernstig zieke grotere kinderen. Onder de indruk van wat ik die ochtend heb gezien, sluit ik ’s middags aan op A&E (Accidents and Emergency’s). Mijn eerste emergency betreft direct een premature baby van 1,7 kilogram die in nood is. Echt iets voor mij!

Zuid-Afrika 

Momenteel ben ik onderweg naar het Zuid-Afrikaanse Johannesburg. Hier mag ik nog een dag verblijven voor ik mijn reis naar huis voortzet. Heel cliché, maar: home is where the heart is. Mijn ‘hartje’ staat me morgen fijn op te wachten op Schiphol, en mijn volgende bezoek aan Sengerema wordt sowieso weer samen!

Jonge prematuur op de NICU

Met Laura, die haar wetenschappelijke stage op de ontwikkelingspolikliniek van de NICU heeft gedaan.

Met Micky, Sandy, Nicole, Laura, Charlotte, Sophie, Rick, mama Martha en mama Elisabeth

Met Marjolijn in Malawi!

1,060 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

775 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

775 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

De afgelopen drie weken hebben in het Tanzaniaanse Sengerema in het teken gestaan van ‘Project NICU’. Het waren intensieve, leerzame en bovenal mooie weken. We hebben krachtige, kleine strijders bij mogen staan in hun proces op overleven, kennis en kunde uitgebreid bij lokale verpleegkundigen en mogen proeven van het echte Afrikaanse leven. Als kers op de taart zien we in een jaar tijd een voorlopige daling van babysterfte van 40%! Dit is de kracht van Project NICU. Ook afscheid stond centraal tijdens dit bezoek. Afscheid van het boegbeeld van Project NICU: een echte survivor, Milo Noah.

Donderdag 3 december 2015. De dag waarvan iedere seconde nog in mijn geheugen gegrift staat. Het begint te schemeren als vijf ‘barmhartige samaritanen’ jou in mijn armen leggen.Twijfelachtig open ik de gekleurde Afrikaanse doeken. Daar lig je dan. Milo Noah. Je donkere kijkers raken me recht in mijn hart. Je bent klein. Rood. Nat. Vies. In leven! Je bent gevonden tussen medisch afval op twee uur loopafstand van Sengerema.Te vroeg kwam jij ter wereld, net op tijd werd je gered. 

Wat moet jouw biologische moeder het ontzettend zwaar hebben gehad. Wat een tranen moet het hebben gekost om geen leven met jou te kunnen delen. Aan je verse navelstreng te zien, was je slechts enkele uren oud. Er zit een witte navelklem omheen, dus je bent in een lokaal ziekenhuis geboren. Net op tijd ben je op de NICU. Ik neem je mee naar het operatiecomplex, waar ik water op een vuurtje opwarm en je begin te baden. Je temperatuur moet stijgen! Verlossen van het vuil aan je tedere lijfje. Je krijgt een geel infuus in je rechter, droge handje. Antibiotica en suikerwater! Ik heb immers geen idee of je ooit al een beetje melk hebt kunnen drinken. De chaos in mijn hoofd begint. Baby’s in Afrika overleven immers op moedermelk. Import van kunstvoeding verloopt de afgelopen weken rampzalig. Het regent, de wegen vervagen en dit luxeproduct wordt niet aangevuld. Uiteindelijk wordt het verse koeienmelk, aangelengd met schoon water en suiker.

Afrikaanse glimlach

Er verschijnt een brede glimlach op de vriendelijke gezichten van het lokale ziekenhuispersoneel als ze ons weer samen door het ziekenhuis zien struinen. Ze noemen je ‘mtoto Milou’,de baby van Milou. Op dag drie wordt geëist dat ik je een naam geef, want ik moet je registeren. Vanuit Nederland wordt ‘Milo’ geopperd. Zo blijven we voor altijd verbonden. Symbolisch. Milou kubwa en Milo mdogo (respectievelijk: grote Milou en kleine Milo). Je gaat overal mee naartoe. Overal waar ik verschijn, roepen patiënten ‘honger daktari’. Ik word officieel gefeliciteerd met jouw komst. En terecht: jij mag er zijn. Je bent meer dan welkom op deze mooie wereld. Je wordt het boegbeeld van ‘Project NICU’ in Sengerema. Iedereen kent je bij naam. Je bent geliefd. Jij bent de reden waarom deze nieuwe afdeling nodig is. Jij leeft en bent nu gezond. Jij bent Milo Noah.

Weeshuis

In januari moet ik met pijn in mijn hart afscheid van je nemen. Ik voel me met jou verbonden, een navelstreng. Diep gewortelde liefde. De maanden die volgen word je meer dan liefdevol verzorgd door mama Iris van Wanrooy, dokter op de afdeling neonatologie. Als ook zij weer voet op Hollandse bodem zet, vliegen we vrijwel direct samen terug. Naar jou. We gaan gesprekken aan met een jurist en maatschappelijk werk om te kijken welke mogelijkheden er omtrent adoptie zijn. Geen. Met veel pijn in ons hart en lood in onze schoenen besluiten we dat een weeshuis de meest geschikte optie is. Je komt fantastisch goed terecht: Forever Angels in Mwanza. Geregeld vliegen we naar Tanzania, om je te komen bezoeken in het weeshuis. Bezoeken. Kippenvel ontstaat spontaan op mijn armen bij deze term. We ‘mogen’ slechts een uur per week bij je terecht, op zondagmiddag. Al onze rechten zijn, terecht, verdwenen. Dit is hard en moeilijk. Je reactie blijft, keer op keer, onbeschrijfelijk dierbaar. Je, inmiddels mollige, armpjes gaan in sneltreinvaart de lucht in. Je noemt ons, na 1,5 jaar, nog steeds ‘mama’. Verzorgsters moeten je van ons aftrekken als we gaan. Pijnlijk, maar ook mooi.

Adoptie

Een week voor je tweede verjaardag word je geadopteerd. Je krijgt een grote broer van 6 en een liefdevolle, Tanzaniaanse mama met wie je in Dar es Salaam gaat wonen. Op 24 uur na kan ik je niet meer in mijn armen sluiten. Kunnen we geen echt afscheid nemen. Gaan wij voor altijd uit elkaar. Gaat de navelstreng door. Ga jij nooit weten wie ik ben. Ben jij wel een belangrijk persoon in mijn leven. Met je zwarte kroeskrullen. Met je lange, donkere vingertjes. Met je guitige koppie. Met je donkere kijkers. Met je lieve stemmetje. Met je enorme persoonlijkheid. Voor mij ben je een begrip. Een identiteit. Je hebt een grote plek in mijn hart ingenomen. Jij mag mij misschien nooit kennen, vergeten doe ik jou nooit! Nakupenda sana, ik hou een heleboel van jou.

522 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

In een zucht zijn de twee weken in het warme en fijne Sengerema omgevlogen. Enerverende, intensieve en ook emotionele dagen verstreken in een veel te rap tempo. Trots, voldaan en met beginnende heimwee kijk ik terug op de afgelopen 14 dagen: de prachtige 336 uren en veel te snel tikkende 20.160 minuten. Tevreden met het eindresultaat, maar ook bewust van de uitdagingen die er nog in de toekomst liggen.

Baby Leah

Lijkbleek en grauw van kleur wordt Leah op de NICU opgenomen. Ze is op tijd geboren en slechts enkele uren oud. Haar bezorgde moeder verliest haar geen seconde uit het oog.  Teder aait ze haar kleine, zachte handjes. Uit haar mondje stroomt bloed. Ook haar billen zijn bezaaid met donkerpaarse, plakkerige bloedresten. Zeer angstig kijkt ze uit haar ogen. Een hoge, zeer schrijnende huil, doet ook vermoeden dat ze misschien in haar hersenen aan het bloeden is. Ze heeft veel moeite met ademen. We starten met ademhalingsondersteuning. Haar moeder houdt de slangen stevig vast, want de koppeling is onlangs kapot gegaan. Op het moment dat we met een laryngoscoop, een medisch instrument dat wordt gebruikt voor het inspecteren van het strottenhoofd, in haar mond willen kijken waar al het bloed vandaan komt, spuit een grote stroom bloed ons tegemoet. Leah lijkt ons in vlot tempo te ontglippen. Ik denk dat ze een ernstige stollingsstoornis heeft. Met elkaar maken we een behandelplan, met de middelen die we tot onze beschikking hebben.  Allereerst geven we haar extra vitamine K, een medicijn dat nodig is voor een goede bloedstolling. Daarnaast geven we haar medicijnen om de zuurtegraad in haar maag te verlagen en bestellen we veel bloed. Tot onze grote vreugde kunnen we zelfs plasma, stollingsfactoren, bestellen.  De eerste dagen blijven kritiek. Ze krijgt wel steeds meer kleur om haar mooie, gave snoetje. Na drie dagen is Leah mooi roze, bloedt ze niet meer en begint ze zelfs wat te zuigen aan de borst! De toekomst met een stollingsstoornis zal zeker niet zorgeloos zijn, maar de eerste fase heeft ze goed overleefd!

Baby Maria Neema

In het kader van de documentaire over Project NICU, krijgen we hoog bezoek! We mogen Maria Neema en haar lieve moeder verwelkomen op de NICU. Maria Neema is een prachtige, mollige baby met doordringende, donkere ogen. Tussen haar ogen heeft haar moeder een mooie stip getekend, welke haar bescherming zal bieden. Maria Neema werd in februari ruim vier maanden te vroeg geboren, en woog minder dan 500 gram. Moeder en kind hebben hard geknokt, en inmiddels is Maria Neema in gewicht vertienvoudigd. Elke maand komen Maria Neema en haar moeder langs, om andere moeders op de NICU aan te moedigen. Dit is waarvoor Project NICU bestaat! Hun verhaal is te zien in de documentaire, die begin volgend jaar in premiere zal gaan.

NICU feest

Alle moeders hebben ontzettend fijn meegewerkt, en zich kwetsbaar durven opstellen voor de documentaire over Project NICU. Om alle moeders en staff te bedanken, hebben we afgelopen week een NICU feest georganiseerd. Een zeer uitgebreide, lekkere Afrikaanse maaltijd met liefde gekookt door onze mama Saidi. De tafels lagen bezaaid met babykleding. De 40 aanwezige moeders mochten twee setjes kleding uitkiezen voor hun pasgeboren kroost. Een gezellige middag met Afrikaanse ‘bongo flavour’ op de achtergrond, brede glimlachen van oor tot oor en…. een vloer gevuld met vissengraat en kippenbotjes. Een waardevolle afsluiting!

Cultuurverschillen omarmen

Mijn zesde bezoek in drie jaar tijd. Verknocht aan Sengerema. Verslaafd aan het reizen naar Tanzania. Toch bemerk ik altijd nog cultuurverschillen. Sinds de komst van de NICU zijn er al veel kinderen levend naar huis ontslagen, op een plek waar de dood altijd dichtbij is. Deze zegeningen tel ik. Ik ben trots op de grote vooruitgang die we vanuit de stichting hebben geboekt de afgelopen jaren. Helaas overlijden er nog steeds veel baby’tjes. Uit cultureel oogpunt, sterven deze kinderen veelal alleen. Dit is nog steeds iets, wat tegen mijn gevoel ingaat. Ik heb het hier ook geregeld over met mijn collega’s in Sengerema. Zij begrijpen ook mijn visie en gevoel hierbij. We omarmen elkaars achtergrond en cultuur. Zo leren we van elkaar. Toch kan ik geen kind alleen laten sterven tijdens mijn bezoek. Het geeft mij voldoening om ze net een beetje extra liefde te geven, wat tedere woorden in te fluisteren en een liedje te zingen voordat ze ‘gaan’.  Ook Denise heeft deze waardevolle laatste momenten gedeeld met een aantal stervende kindjes. Eindeloos waardering voor mijn topper, voor wie de dood voor het eerst zo dichtbij kwam.

Karibu tena

Met lood in mijn schoenen en een zwaar gevoel verlaten we Sengerema. Wat hebben we een boel mogen doen en ervaren de afgelopen twee weken. Dit bezoek was ik met name aanwezig als projectleider. Gesprekken met mijn lokale collega’s. Kijken waar de knelpunten liggen. Anticiperen. Blijven ontwikkelen met elkaar. Ik heb de enorme werkdruk opnieuw mogen ervaren. Een werkdruk die stijgt, omdat het aantal baby’s op de NICU toeneemt. Daarnaast was ik 24/7 aanwezig als consultant. De complexiteit van de patienten stijgt enorm. Patienten vanuit een behoorlijke regio melden zich inmiddels in Sengerema voor diagnosticering en behandeling. Deze week heb ik weer meer pathologie voorbij zien komen, dan ik het afgelopen jaar heb gezien. Een baby met ontbrekende buikspieren, een baby met een afwijkende schedelvorm, een baby met paarskleurende gewrichten etcetera. Ook werden enorm veel extreem prematuren opgenomen. Kleine kanjers voor wie het leven na een week zonder beademing toch meestal te zwaar wordt.

Afgelopen maart wonnen Iris en ik de Albert Schweitzer Prijs. Van dit geld wordt momenteel een ontwikkelingspolikliniek opgezet. En hoe! Veel moeders melden zich de hele dag door met hun baby’tje voor controle en nazorg. Iris gaat in februari hard aan het werk met verdere opzet en invulling van de ontwikkelingspolikliniek, die op korte termijn in verbouwing gaat.

Denise en ik gaan alle indrukken even samen laten bezinken. We hebben een hoop meegemaakt, mogen ervaren en vooral veel uren gemaakt de afgelopen twee weken. Beginnende heimwee ontstond al op het moment dat we de zware, ijzeren poort van het ziekenhuis verlieten. Een steen op onze maag. Ook voor Denise vormt Sengerema een tweede thuis. Dit biedt perspectief voor onze toekomst!

Samen met Maria Neema en haar moeder 

700 totaal aantal vertoningen, 4 aantal vertoningen vandaag

Goed en wel vijf minuten gearriveerd in Sengerema na een moeizame en lange reis, neemt de magnestische werking van het ziekenhuis het over.  Tijd om rustig te acclimatiseren na bijna 72 uur reizen conflicteert met de aantrekkingskracht van het ziekenhuis waar ik alweer maanden naar verlang. Vlinders ontpoppen zich masaal bij aankomst in mijn zo geliefde Sengerema. De Europeaan komt in me naar boven, en ‘haraka haraka’ (snel snel) naar het ziekenhuis. Gehuld in een jurkje en bijpassend schoeisel, wil ik Denise vol trots rondleiden in het ziekenhuis waarover we al zoveel gesproken hebben.

Incognito het ziekenhuis in, werkt echter averechts. Na de eerste passen in het ziekenhuis trilt mijn broekzak. Tropenarts Rian. Assistentie is gewenst op de verloskamers. Er is zojusit een baby’tje geboren met een onverwachts slechte start. Levenloos. Geen kleur op zijn mooie gezichtje. Volmaakt. Tien vingers en teentjes. Vol overgave werkt iedereen aan het leven wekken in dit jonge mensje. Tevergeefs. We moeten hem laten gaan, in ons midden.

De NICU

De NICU ziet er kleurrijk uit, vol met moeders in prachtige kitenges. De apparaten draaien overuren om alle kwetsbare baby’s van voldoende zuurstof te voorzien. De couveuses liggen vol met zeer jonge prematuren. Krachtige, prachtige kindjes met een dun, doorzichtige en roodgekleurde huid. De jongste is extreem prematuur geboren, bij 25 weken. Een gewicht vergelijkbaar met een half pakje suiker. Een pittige tante met donkere kijkers en al redelijk krachtig stemvolume. Ze geeft zich niet gewonnen en vecht, omdat haar leven daar vanaf hangt. En met succes, na een week ademt ze nog krachtig door.

Emergency

De straaltjes zweet lopen over mijn rug als ik de dozen aan het uitzoeken ben met NICU materiaal vanuit Nederland. De NICU is serieus tropisch warm, en het kwik loopt geregeld op tot boven de 30 graden. Tussen de verzamelde materialen zitten veel beademingsmaskers die ook zeer bruikbaar zijn op de kinder intensive care (PICU). Met mijn jassen volgepropt met maskers wandel ik enthousiast die kant op, als een jonge verpleegkundige al rennende hijgend mijn naam roept. “Emergency on the airstrip!”. De airstrip is een vroegere landingsbaan die zich op enkele meters afstand van het ziekenhuis bevindt. Mijn actiestand gaat aan, en ik ren met grote passen het ziekenhuisterrein af richting de airstrip. Aldaar vindt een prachtig tafereel plaats. Temidden van de airstrip staan een boel vrouwen in een cirkel en allemaal houden zij een prachtig gekleurde kitenge vast. Ik meng me in de cirkel, en in het midden ligt een vrouw met een baby. Ze is zojuist plotseling bevallen van een prachtig meisje. Aangezien de moeder aan het bloeden is en ik geen achtergrondinformatie over de zwangerschap heb, neem ik de kleine van haar over, en haast me terug naar de NICU. Een blakende, roze, gezonde nieuwe wereldburger besloot spontaan haar intrede te maken op de airstrip.

Documentaire

In 2016 maakte ik kennis met journaliste Denise Eigenbrood. Geraakt door mijn verhaal, ontstond al vlot het idee tot een interview. Na dit interview bleef het contact aanhouden en rees het plan ooit een documentaire te maken over Project NICU. Als een soort sprookje groeiden wij naar elkaar toe tot het punt waar we nu zijn. Op de voor mij meest magische plek ter wereld allebei doen wat we het liefste doen. Voor Denise is dit zich maximaal inzetten om een prachtige, integere documentaire maken. Voor mij is dat me begeven tussen baby’s, hier.  Wat verlegen probeer ik te accepteren dat ik 24/7 word gevolgd door een camera en microfoon.

Na de eerste week besluiten we een interview op te nemen voor het ziekenhuis om de balans op te maken. Op het moment dat we aan het settelen zijn, komt een ambulance met gierende banden en loeiende sirene aangereden. Er komt een bezorgde man met een baby in zijn armen uit de ambulance. Het feit dat een ambulance wordt ingezet om zieke baby’s te transporteren, maakt mij trots en stelt gerust. Het mag toeval heten dat we ons precies op het juiste moment op de juiste plek begeven, en we de zorg voor de niet ademende baby kunnen overnemen. Rennend door het ziekenhuis met het grauwe kind in m’n armen, wordt het NICU team opgetrommeld. Bij aankomst op de afdeling staat onze nieuwste, zeer waardevolle aanwinst Edward al klaar. Kundig plaatst hij een infuus als ik start met beademen. Vervolgens neemt hij de zorg voor de zieke baby over, en straalt als we hem complimenteren voor zijn goede zorgen. Het baby’tje bleek al vier uur geleden te zijn geboren na een moeizame bevalling. Hij had zich nog niet laten horen na z’n geboorte. Het feit dat hij nog in leven binnen is gebracht, mag van kracht betuigen.

Wij maken ons op voor de volgende week, waarschijnlijk vol indrukken. Plannen worden omgezet in daden. We hebben een carpenter in Mwanza opdracht gegeven tot het maken van een officieel welkomstbord voor de entreedeur van de NICU. Daarnaast krijgt het ingezamelde geld voor Project NICU aankomende week een passende bestemming. Denise gaat verder met het interviewen en mogelijk komt er een oude bekende van de NICU langs. Wordt vervolgd!

3,260 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

Stemmen kan via deze link

468 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

Acht maanden terug in de tijd. April 2017. In de houten huisjes op de NICU liggen buurvrouw Yillian en buurman Norbert. Yillian is zo’n 4 maanden te vroeg geboren, en weegt slechts 500 gram. Buurman Norbert, helft van een tweeling, is zo’n 3 maanden te vroeg geboren, en weegt iets meer dan 700 gram. Zijn broertje overleed tijdens de traumatische bevalling. Norbert werd kortdurend gereanimeerd, maar greep het leven aan. Norbert met z’n blauwe muts. Yillian met haar gele muts. Hun dappere moeders worden dikke vriendinnen, en verblijven maanden samen op de NICU. Beschermengels voor hun kwetsbare kroost. Team NICU vecht hard voor deze twee dappere strijders, en met resultaat..

8 maanden later

1 december 2017. Luid gekraai, glimmende kraaloogjes en een brede glimlach vullen de NICU. De relatief kleine, benauwde ruimte vult zich met liefde en ontlading. Yillian, nu ongecorrigeerd 9 maanden oud, is een prachtige, spekkige baby van 7 kilogram. Zwarte krulletjes vullen haar volle bolletje. Enigszins verschrikt staart ze de onbekende ‘wazungu’, blanken, aan. Een gulle lach schenkt ze alleen aan haar vertrouwde moeder. Norbert, nu ongecorrigeerd 8 maanden oud, is een lolbroek. Zijn guitige koppie kijkt speels in de rondte. Schaterlachend pak ik hem van zijn moeder aan. Gefocussed op mijn blonde lokken vermaakt hij zich opperbest. Wanneer Yillian iets meer gewend is, komt ook zij op schoot. Aandachtig tasten ze elkaar af. Grote ogen staren vragend naar m’n witte huid. Het ijs is gebroken als ik gekke geluidjes begin te produceren met m’n mond. Een ware fotoshoot volgt. Als de modelletjes in de dop het ziekenhuis weer verlaten, gloei ik van trots. Dit is waar we het allemaal voor doen! 8 maanden geleden hing het leven van deze kwetsbare kindjes nog aan een zijde draadje. Inmiddels zijn het spekkige baby’s die genieten van het leven! Twee jaar geleden ondenkbaar. Geen afdeling voor zieke baby’s. Enkel een aanrecht, survival of the fittest.

Drukke NICU

In het weekend vond een ware babyboom plaats. Op jaarbasis worden gemiddeld 11.000 baby’s geboren in het drukke missieziekenhuis (lees: gemiddeld 20 per dag). De NICU is volledig opgevuld met gezellige, felgekleurde Afrikaanse doeken. Als je goed kijkt, ligt in de meeste van deze doeken een piepklein baby’tje. Vaak piekt er net een gekleurd mutsje boven de doeken uit. Meerdere ukkies liggen samen lekker knus in een couveuse. Zuurstofapparaten draaien overuren en ronken hard over de afdeling. De generator verricht hard werk om de NICU te kunnen laten functioneren. Circa eenmaal per uur is het donker, want dan trekt ook de generator het niet meer. Nauwkeurig monitoren we dan de kwetsbare kindjes die zuurstoftherapie krijgen. Geen stroom betekent namelijk ook: geen zuurstoftoediening.

Afrikaanse mama’s

Tanzaniaanse klederdracht omvat veelal kleurrijke doeken met drukke patronen. Alle kleuren van de regenboog zijn verwerkt. Van deze doeken worden veelal imposante, wijde jurken gemaakt met plofschoudertjes als waar pronkstuk. Ook een passend stukje stof als hoofddeksel mag niet ontbreken. Om maximaal te integreren hebben Marije en ik een traditionele Tanzaniaanse jurk laten ontwerpen. Een eerste passessie leverde een hoop hilariteit op. In stijl scharrelden we over de lokale markt, en werden we van alle kanten overvallen met complimenten. We verplaatsten ons vervolgens naar het ziekenhuis, om de mama’s te verrassen met onze nieuwe look. Om de ervaring helemaal compleet te maken, werden twee pasgeboren baby’tjes op onze rug gebonden, die vervolgens vredig in slaap vielen. Een mooie, vertrouwde manier om je baby dichtbij je te dragen.

Onderwijs op maat

Ik struin structureel met een ‘reanimatiepop’ onder mijn armen door het ziekenhuis. Te pas en te onpas ‘beval’ ik, en wordt een beroep gedaan op kennis en kunde van de verpleegkundigen. Afgelopen week lag ik met mijn benen in de stijgbeugels op een bed in de verloskamers. Dit zijn overigens drie grote ruimtes, waarin meerdere bedden staan. Afgeschermd met slechts een blauw gordijntje is privacy ver te zoeken. Een pop moet tijdens deze trainingen geregeld plaatsmaken voor een echt baby’tje, dat slecht ter wereld komt. Afgelopen training werden onze verpleegkundigen blootgesteld aan drie echte reanimaties. Trots tonen zij wat ze in hun mars hebben. Er zijn nog een boel hobbels op de weg, letterlijk en figuurlijk, maar een mooie basis ligt er. Op naar verdere verbetering van het huidige niveau!

Deze blog is gepubliceerd door www.nieuwsuitnijmegen.nl. Rechten voor deze blog liggen bij Nieuws uit Nijmegen en Milou van Ingen. Foto’s zijn geplaatst met verkregen toestemming door ouders. Informed Consent is getekend.

518 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag